Vrouw neergestoken voor ogen van 3-jarige dochter op Chestertonlaan.
Houda Zaher, een 35-jarige vrouw uit Amsterdam, werd op woensdagmiddag 23 januari 2019 neergestoken op de Chestertonlaan in Amsterdam-Zuidoost. De steekpartij gebeurde kort voor 14.00 uur, op straat en in het bijzijn van haar 3-jarige dochter. Houda had volgens buurtbewoners net boodschappen gedaan en liep met volle tassen naar huis toen zij werd aangevallen. Haar echtgenoot, de toen 43-jarige Soufiane el H., had haar opgewacht en stak haar twaalf keer met een mes. Bouwvakkers die in de buurt aan het werk waren, schoten te hulp, verleenden eerste hulp en probeerden haar met dekens warm te houden tot de hulpdiensten arriveerden. Houda werd zwaargewond naar het ziekenhuis gebracht, maar overleed de volgende dag aan haar verwondingen. Kort na de steekpartij hield de politie Soufiane el H. aan. Tijdens de rechtszaak werd duidelijk dat de scheiding tussen Houda en haar echtgenoot een week later zou worden uitgesproken. Ook bleek dat hij kort voor de aanval een mes had gekocht en haar had opgewacht. Houda had eerder aangifte gedaan omdat hij haar al eens met een mes zou hebben bedreigd. In eerste aanleg vond de rechtbank moord niet bewezen, omdat volgens de rechtbank niet vaststond dat hij vooraf het plan had haar te doden. Hij werd toen veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor doodslag, zonder tbs, omdat de rechtbank hem volledig toerekeningsvatbaar achtte. In hoger beroep oordeelde het gerechtshof anders. Het hof vond dat er wel sprake was van voorbedachte raad en dus van moord. Soufiane el H. werd in hoger beroep veroordeeld tot zestien jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. De zaak wordt vaak gezien als femicide: Houda Zaher werd door haar echtgenoot gedood op straat, vlak voordat hun echtscheiding zou worden uitgesproken, terwijl hun jonge dochter erbij was. Daarmee was de zaak nog niet klaar. Op 1 april 2025 hield de Hoge Raad de veroordeling voor moord en de tbs-maatregel in stand, maar verlaagde hij de gevangenisstraf naar vijftien jaar en zeven maanden omdat de redelijke termijn was overschreden. Daarmee is de zaak onherroepelijk.

Bron: Parool.nl