Man doodgestoken na ruzie
Alaatin Kilic, een 40-jarige man uit Amsterdam, werd op zaterdagavond 11 november 2017 doodgestoken in de Admiraal Helfrichstraat in Amsterdam-West, vlak bij het Mercatorplein. Die avond was het druk in de omgeving, omdat op en rond het Mercatorplein veel mensen feestvierden nadat het Marokkaanse voetbalelftal zich had geplaatst voor het WK. De steekpartij stond daar volgens het onderzoek niet direct mee in verband. Kort voor het fatale incident was Kilic betrokken bij een ruzie of woordenwisseling met een groep mannen bij een auto. Rond 23.40 uur werd hij in zijn borst gestoken. Ondanks zijn zware verwondingen wist hij nog een passerende motoragent aan te spreken. Hij vertelde dat hij was gestoken en wees naar een aantal mannen bij een auto. Eén van die mannen, Jamal S., toen 27 jaar oud, rende weg toen de politie dichterbij kwam, maar werd kort daarna aangehouden. Kilic raakte snel buiten bewustzijn, moest worden gereanimeerd en werd naar het ziekenhuis gebracht. Later die nacht overleed hij aan zijn verwondingen. In het onderzoek vond de politie op de vluchtroute van Jamal S. een vouwmes en later ook een dolkmes in een foedraal. Op het foedraal zat bloed van Kilic en onder de nagels van de rechterhand van Jamal S. werd DNA van het slachtoffer gevonden. Ook verklaarde een vriend van Jamal S. dat de verdachte kort na de steekpartij had gezegd: “ik heb hem gedjoekt”, straattaal voor gestoken. Daarnaast zou Jamal S. tijdens vervoer in een politieauto hebben bekend dat hij verantwoordelijk was voor het neersteken van Kilic. Het Openbaar Ministerie stelde dat Jamal S. zich schuldig had gemaakt aan doodslag en eiste elf jaar gevangenisstraf. Moord werd niet bewezen geacht, omdat er geen bewijs was dat Jamal S. vooraf een plan had gemaakt om Kilic te doden. De rechtbank veroordeelde Jamal S. uiteindelijk tot acht jaar gevangenisstraf voor het doodsteken van Alaatin Kilic. De zaak werd daarmee juridisch behandeld als doodslag: een dodelijke steekpartij na een ruzie op straat, waarbij Kilic nog zelf de politie kon aanwijzen in de richting van de groep waaruit zijn dader kwam. Daar bleef het niet bij. Op 23 mei 2019 verhoogde het gerechtshof Amsterdam de straf naar elf jaar gevangenisstraf; het hof stelde vast dat S. het slachtoffer eenmaal met een mes in de borst had gestoken.

Bron: Parool.nl